Chaource kaas

Chaource kaas
10210, Chaource

De geschiedenis van dit kaasje is vaag. In elk geval wordt het al sinds de 14e eeuw geproduceerd en was het gewild aan het Franse hof.


Deze witschimmelkaas is genoemd naar de plaats waar hij al in de 14e eeuw werd gemaakt. Chaource ligt in de Aube, iets ten noorden van Bourgondië. Er wordt gezegd dat de Chaource kaas eigenlijk afkomstig is van de boerderijen die behoorden tot de in de 12e eeuw gestichte abdij van Pontigny.

In de middeleeuwen beschikten alleen de monniken over weilanden om het vee te houden dat nodig was voor de productie van melk. Bovendien aten ze over het algemeen geen vlees; kaas werd gebruikt als goede vleesvervanger. De monniken zouden de technieken van de kaasproductie hebben verfijnd. Vanaf de 17e eeuw namen de vrouwen uit de streek die over om voor hun eigen gezin kaas te maken.

Volgens de website van de gemeente Chaource is de geschiedenis van het kaasje erg vaag. In elk geval is de Chaource een zeer oude kaassoort. De eerste sporen ervan zijn gevonden in geschriften uit de 14e eeuw. Marguerite de Bourgogne vond deze kaas erg lekker en wilde graag dat die op tafel kwam.

Tegenwoordig wordt de Chaource kaas ook in de Yonne geproduceerd. Dat kan zowel met rauwe als met gepasteuriseerde koeienmelk gebeuren. De Chaource kazen zijn in twee formaten verkrijgbaar: de grote weegt 450 gram en de kleine 200 gram. Ze moeten minimaal twee weken rijpen.

De korst is bedekt met een fijne witte schimmel die naar verse champignons ruikt. De binnenkant is smeuïg; in het begin stevig, maar na verloop van tijd soepeler. De smaak is een klein beetje zout en doet denken aan hazelnoot en room. De Chaource is het lekkerst van juli tot oktober, als de koeien buiten grazen. Hij moet vier tot vijf weken rijpen.

Chaource heeft de kwaliteitskeurmerken AOC (Appellation d’Origine Contrôlée) en AOP (Appellation d’Origine Protégée). Die geven aan dat de herkomst ervan gecontroleerd en beschermd is.

Foto: ©Fromagerie Lincet.