Ten noordoosten van Dijon ligt het schilderachtige middeleeuwse plaatsje Bèze met een abdij waarvan de oorsprong teruggaat tot het jaar 630. De kapel dateert uit de 12e eeuw en de andere gebouwen hoofdzakelijk uit de 18e eeuw. Sinds de Franse revolutie is het complex in particuliere handen.
De huidige eigenaren stellen de abdij en het enorme park met de prachtige rozentuin elk jaar in de maanden juli en augustus open voor publiek. Ze doen ook altijd mee aan de Franse Opentuindagen, begin juni, en de Europese monumentendagen in september. Verder zijn er eind mei de dagen van de bloeiende, oude rozen.
Rond eind mei en begin juni is de rozentuin van de voormalige abdij, met bijna 300 verschillende soorten, op z’n mooist. De bloemen lopen in kleur uiteen van parelwit tot het donkerste paars. Ze verspreiden zoete of kruidige geuren en hebben betoverende namen als Bizarre Triomphant, La Belle Sultane, Duchesse de Montebello, Belle de Crécy, Fantin Latour, Cuisse de Nymphe, Nuits de Young...
Het vier hectaren grote park is in Engelse stijl aangelegd. De eeuwenoude platanen hebben inmiddels een hoogte van zo’n 40 meter bereikt en de sequoia is al 48 meter hoog. In 2000 is begonnen met het maken van een labyrint.
Door het park stroomt de Bèze. De bron van dit riviertje is een paar honderd meter verderop te vinden. De ijzeren brug over het water is mogelijk gemaakt door Gustave Eiffel die in Dijon werd geboren.
Inbegrepen bij de entreeprijs voor de abdijtuin, is een bezoek aan één van de abdijgebouwen; namelijk de hôtellerie met, op de bovenste verdieping, de voormalige bibliotheekruimte van de monniken. Een Nederlandstalige plattegrond met uitleg is beschikbaar.
Het loont de moeite om na de bezichtiging van de tuin ook het dorpje te bekijken met de huizen uit de 13e eeuw, de wasplaatsen, de mooie gevel van de kloosterschool en de grotten. In Bèze staat bovendien één van de oudste hopschuren van Bourgondië.
Zie voor de exacte openingstijden en de toegangsprijs de website van deze abdijtuin.