28 juli 2026

400e geboortedag Madame de Sévigné

De Jonkvrouwe van Bourgondië was de "reporter van de 17e eeuw". In het kasteel van haar neef Roger Bussy-Rabutin wordt, vanwege haar 400e geboortedag, aandacht besteed aan deze bekende Franse brievenschrijfster.

La demoiselle de Bourgogne, de jonkvrouw van Bourgondië, werd op 5 februari 1626 in Parijs geboren als Marie de Rabutin-Chantal en stamde uit een oude Bourgondische familie. Toen ze zeven jaar was, werd ze wees. Haar oom van moederszijde, de abt Christophe de Coulanges, zag toe op haar opvoeding. Ze leerde Italiaans, Spaans, geschiedenis, muziek, dans, en conversatie. Neef Roger van vaderszijde wilde graag met haar trouwen, maar vanwege diens roekeloze financiële beheer zagen haar opvoeders dat niet zitten.

Ze huwde een Bretonse markies uit een oude en respectabele familie en kreeg twee kinderen van hem: dochter Françoise-Marguerite en zoon Charles. Toen haar echtgenoot in een duel om een minnares werd gedood, was ze pas 25 jaar. Vanaf dat moment mocht Madame de Sévigné zelf haar eigen leven inrichten. Aangezien de markies haar vermogen had verbrast, kon ze het zich echter niet veroorloven om veel tijd door te brengen in Parijs waar ze genoot van de bezoeken aan de salons. Daarom verbleef ze vooral op haar landgoed Les Rochers in Bretagne waar ze een briefwisseling startte met neef Roger.

De brieven van Madame de Sévigné zijn vrolijk, levendig, geestig en scherp. Met de brutale Roger ontwikkelde ze een eigen stijl: rabutinage, de kunst om de ander met een treffende formulering en een scherpe sneer het zwijgen op te leggen. Neef en nicht deelden veel meer dan alleen een naam. Hun briefwisseling getuigt van een intellectuele en emotionele band, gevoed door humor, ironie en een scherp talent voor treffende formuleringen. Met satirische geschriften en een turbulent leven drukte Roger de Bussy-Rabutin zijn stempel op de geschiedenis. Madame de Sévigné verwierf blijvende roem dankzij de geestigheid en moderniteit van haar brieven. Hun karakters botsten ook weleens en dan hadden ze een tijd geen contact met elkaar. Dat was bijvoorbeeld het geval toen ze hem weigerde financiële steun te geven voor een militaire campagne.

Dochter Françoise trouwde in 1671 en volgde haar echtgenoot naar het kasteel van Grignan, in de Provence. Een zeer uitgebreide correspondentie overbrugde de afstand tussen moeder en dochter, die een zeer sterke band met elkaar hadden. In 20 jaar tijd schreven ze elkaar meer dan 600 brieven. Madame de Sévigné legde daarin niet alleen haar emoties vast maar ook de levendigheid, authenticiteit en diversiteit van haar tijdperk! Ze was veel meer dan slechts een moeder die naar haar kind verlangde; ze was bovenal een chroniqueur van haar tijd. Ze bewoog zich in alle sociale kringen en was een trouwe vriendin, een fervent modeliefhebster en beschikte over een indrukwekkend netwerk. Brieven schrijven was in de 17e eeuw overigens niet goedkoop. Madame de Sévigné gaf aan haar brieven evenveel geld uit als destijds een boer in en voor zijn hele leven. De kosten voor papier, veren, inkt en zegelwas vielen best mee. Maar met name de verzending, van Parijs naar Grignan was duur.

Haar correspondentie biedt een scherpzinnige, speelse en diep menselijke blik op de samenleving tijdens de Grand Siècle. De brieven doen verslag van alles: van de grote schandalen van die dagen tot de sappigste roddels. Ook de opkomst van nieuwe trends, zoals het consumeren van chocolade, bleef niet onopgemerkt. Aanvankelijk prees Madame de Sévigné chocolade aan bij haar dochter. Maar nadat de markiezin van Coëttogon tijdens haar zwangerschap chocolade had gegeten en was bevallen van een baby met een donkere huidskleur, adviseerde ze haar dochter om er niet meer van te eten. Later kwam ze daar weer op terug en concludeerde ze dat chocolade goed was om aan te sterken.

Tijdens haar reizen deed Madame de Sévigné regelmatig Bourgondië aan. Ze kwam graag in dit deel van Frankrijk: in haar brieven noemde ze herhaaldelijk het haar vertrouwde landschap van weilanden, rivieren en bossen. Château de Bourbilly, vlakbij Semur-en-Auxois was al sinds de middeleeuwen het familiekasteel. Ze ging ook weleens op bezoek bij haar neef, die in zijn eigen kasteel in ballingschap leefde. Maar als ze in Bourgondië was, logeerde het liefst in het kasteel van Epoisses dat ze bijzonder mooi vond. Bovendien was ze zeer te spreken over haar gastheer die ze “de meest aimabele vriend ter wereld” noemde. Een deel van dit kasteel is in de Franse revolutie verwoest. Het huidige Château d’Epoisses is, net als het Château de Bourbilly, in de zomermaanden geopend voor het publiek.

Madame de Sévigné overleed op 18 april 1696 bij haar dochter in Grignan. Haar brieven werden na haar dood uitgegeven, hoewel ze nooit waren bedoeld voor publicatie. In de 19e eeuw werd de markiezin een nationaal figuur. Straten, scholen en gebouwen werden naar haar vernoemd. Chocolatiers gebruikten haar naam en afbeelding om hun producten te promoten.

De expositie Ma belle Cousine (mijn mooie nicht), over Madame de Sévigné, duurt tot 11 oktober en is volledig Franstalig. Daarin wordt ook stilgestaan bij de vraag hoe ze in de huidige tijd zou hebben gecommuniceerd. Het kasteel is dagelijks geopend van 9.15 tot 12.00 uur en van 14.00 tot 17.00 uur. De toegangsprijs bedraagt € 9 per persoon.

Foto ©Benjamin Gavaudo – CMN
Informatiebron: Centre des Monuments Nationaux