Het hoofdgebouw van het voormalige middeleeuwse klooster van Lurcy-le-Bourg, dat sinds 2000 wordt beheerd door een Nederlandse vriendengroep, is tijdens de Franse monumentendagen geopend voor bezoekers.
In 1093 schonk Hugues de Lurcy, na zijn pelgrimsreis naar Jeruzalem, al zijn bezittingen aan het Benedictijnse klooster Saint-Gervais et Saint-Protais dat rond het jaar 1000 was gesticht door zijn voorvaders. Een jaar later werd het onder de orde van Cluny gebracht. Alleen het 14e-eeuwse hoofdgebouw, de Logis, staat nog overeind. De rest van de priorij ging in de 16e eeuw verloren bij een brand.
Deze Logis is een stevige, 19 meter hoge vierkante verdedigingsstructuur die wordt omgeven door een (deels gedempte) gracht en wordt geflankeerd door wachttorens. Op sommige punten is de muur 1.40 meter dik. Het monument werd eind vorige eeuw gerestaureerd en is sinds 2000 in bezit van een Nederlandse vriendengroep. Tijdens de Journées du Patrimoine, de Franse monumentendagen, op 19 en 20 september openen zij de deuren. Iedereen is dan welkom voor een bezichtiging.
De oorspronkelijke ingang was op de eerste verdieping. Zodra de vijand naderde, ging de ophaalbrug omhoog. Via houten ladders klom men naar de ingang en zodra iedereen binnen was, werden ook de ladders omhoog getrokken. Rondom de tweede verdieping was ooit een houten gang waarop de wachters patrouilleerden. Op de zolderverdieping zijn oude schietgaten voor pijl en boog alsmede gaten om de aanvallers te begieten met hete olie of pek.
Binnen is te zien dat de donjon om een bestaand huis, uit de 13e eeuw, heen is gebouwd. Het is zeer zeldzaam dat een oude buitenmuur van een eerdere woning wordt teruggevonden in een gebouw. Ook de kelder dateert nog uit de 13e eeuw en in één van de badkamers is een stukje van een muurschildering uit diezelfde tijd bewaard gebleven.
In de woonkamer staat een enorme haard uit de 14e eeuw. Naast de haard is destijds, in een diepe nis, een gootsteen gemaakt: het water ging van daaruit meteen de gracht in. De ramen waren ooit schietgaten. Op de vloer liggen bijna 10 centimeter dikke tegels, de traditionele tomettes met hun warme kleur, waarin pootafdrukken staan van de dieren die bij de productie over de klei liepen.
Bijzonder is ook de zolder met z’n oorspronkelijke dakconstructie van kastanjehout. Die is in de vorm van een omgekeerde scheepsromp. De dakkapellen werden in de 16e eeuw toegevoegd. De zolder is toegankelijk is via de oude stenen wenteltrap en werd niet ingericht als slaapkamer; daar verblijven alleen de vleermuizen.
Enkele bevriende Nederlandse gezinnen kochten de Prieuré in 2000. Ze zochten iets dat vanuit Nederland goed binnen één dag te bereizen was. Het werd Lurcy-le-Bourg. In het monument hebben ze zoveel mogelijk slaapkamers gemaakt zonder de structuren aan te tasten. De architect had linnen over de oude muren gespannen en er wordt nog geen spijker in de muren geslagen. Hun doel is de Prieuré in goede staat te houden, er zelf gebruik van te maken, en waar mogelijk een bijdrage te leveren aan de cultuur binnen de gemeente Lurcy le Bourg. De deelname aan de Franse monumentendagen sluit daarbij aan.
Een paar keer per jaar zijn ze er met z’n allen: in mei hebben de vrienden gezamenlijk een klusweek en eind december vieren ze met de hele groep de feestdagen in de Prieuré. De tweede generatie neemt het nu langzamerhand over. Overigens heeft niemand er een vaste kamer; als ze erheen willen, moeten ook de eigenaren een kamer boeken en ervoor betalen. Zo worden de exploitatiekosten gedekt. Doordat familieleden en vrienden eveneens gebruik mogen maken van de accommodatie, is die bijna het hele jaar vol geboekt.
Geopend op 19 en 20 september 2026 van 11.00 tot 17.00 uur.